Irma Woud
Irma Woud
13 maart 2017

Taalfouten die je doen glimlachen

Als tekstschrijver zie of hoor je ze bijna dagelijks langs komen: taalfouten. Of het nu in de trein is, op een bestelbusje, op een congres of op een webpagina. Ergernis? Niet altijd. Sommige taalfouten doen je glimlachen.

Blog_Irma

In de trein
Conducteurs kunnen zo heerlijk haspelen met taal als ze op een onverwacht moment de passagiers iets moeten mededelen. Bijvoorbeeld waarom de trein stil staat vlak voor het station.

‘Eh, we staan hiero eh, effe stil, want eh.. er moeten nog wat treinen voorbij passeren’, hoorde ik de conducteur laatst door de intercom blazen. Wat was ie blij toen de trein weer ging rijden en hij zijn standaard riedeltje af kon draaien. De gepasseerde treinen waren voorbij!

Bestelbusjes
Bestelbusjes en vrachtauto’s zijn dankbare objecten voor het vinden van taalfouten. Zo ook het busje van het bedrijf dat een nieuwe schuifpui bij ons kwam plaatsen. Nu is die schuifpui inderdaad van kunststof. Maar op de zijkant van het busje stond toch echt iets anders:

“Gespecialiseerd in kozijnen: aluminium – kunstof – hout”.

Handig, stof waar je wat mee kunt.

Op een congres
Foutloos schrijven in een PowerPointpresentatie valt niet mee. Op een congres vind je dan ook al snel taalfouten. Of eigenlijk: typfouten. Vervelend, kan gebeuren.

Maar de schrijfwijze van het woord dat ik laatst op een dia zag staan, was welbewust gekozen. De spreker besprak een casus met de deelnemers waarin de probleemsituatie van een mevrouw aan bod kwam. Om haar probleem nog een graadje erger te maken had hij een ‘weetplantage’ toegevoegd.

Pas toen hij het woord uitsprak begreep ik wat hij bedoelde: ‘wietplantage’! Je moet maar weten dat wiet in het Engels ‘weed’ heet.

Dus, ach, als je dan even iets opzoekt op een website om je tekst te completeren, dan kun je niet anders dan glimlachen als je tegenkomt ‘dat iets je in de houtgreep neemt’.